1 Moderne en 2 Moderne Wetenschappen

Voorstelling Moderne Wetenschappen

De optie Moderne wetenschappen wil je meenemen op een verkenningstocht doorheen het ingewikkelde netwerk van onze hedendaagse samenleving, die ondermeer steunt op twee belangrijke wetenschappen: de economie en de natuurkunde. Het is de bedoeling van deze optie dat je enerzijds enig inzicht verwerft, vaak op experimentele wijze, in natuurkunde en anderzijds kennis maakt met enkele eenvoudige economische begrippen. 
Omdat deze basisopties in de eerste plaats voorbereiden op een ASO-richting in de tweede en de derde graad, vragen de vakken van de gemeenschappelijke basisvorming een vrij hoog studietempo. Voor Nederlands, Frans en Engels betekent dit concreet dat je de grammatica voor deze talen onder de knie moet krijgen. Met die kennis kunnen wij ons dan in de tweede graad meer toeleggen op het communicatief karakter van de taal.  
Bij wiskunde, WW en  SEI voorzien we een stevige vorming in het analytisch denken. 
De leerkrachten verwachten van je dat je heel wat theorie verwerkt en dat je getuigt van inzicht in de leerstof. Zo zal je zelf heel wat verbanden moeten leggen en zal je geleidelijk aan zelfstandig aan  opdrachten moeten werken. 
Kortom, een hele uitdaging!
De Moderne wetenschappen voorziet in het 1ste jaar meer tijd voor het uitdiepen van de meeruursvakken Nederlands (+ 2 uur), Frans (+ 1 uur) en wiskunde (+ 1 uur).  
In het 2de jaar staat dit pakket in functie van de verdere oriëntering in de tweede graad: wetenschappelijk werk of WW (+ 2 uur), socio-economische initiatie of SEI (+ 2uur) en 1 extra-uur Engels.
 
Aanwijzingen voor je studiekeuze:
Deze basisoptie kan je aanvatten als je
  • belangstelling hebt voor de actualiteit, vooral voor het economisch en sociaal leven
  • een flinke brok theorie wil afwisselen met wetenschappelijk werk
  • geen moeite hebt met de verwerking van de algemene vakken zoals Nederlands, Frans en wiskunde.
 
 
Doorstroming tweede graad
Als rechtstreekse vervolgrichtingen op deze basisoptie kan je in onze school in de tweede graad kiezen voor de ASO-studierichtingen: Economie met optie talen of met optie wiskunde, Wetenschappen, Humane wetenschappen
 
Lessentabel in de eerste graad
Eerste leerjaar A Tweede leerjaar
Gemeenschappelijke uren: 28 Gemeenschappelijke uren: 26
Godsdienst 2 Godsdienst 2
Nederlands 5 Nederlands 4
Frans 4 Frans 3
    Engels 2
Wiskunde 4 Wiskunde 5
Natuurwetenschappen 2 Natuurwetenschappen 1
Aardrijkskunde 2 Aardrijkskunde 1
Geschiedenis 1 Geschiedenis 2
Muzikale opvoeding 1 Muzikale opvoeding 1
Plastische opvoeding 2    
Techniek * 2 Techniek 2
Lichamelijke opvoeding 2 Lichamelijke opvoeding 2
Sociale activiteit +
Leren leren
1 Sociale act. + Leren leren +
Leefsleutels + studiekeuze
1
Eerste leerjaar A Tweede leerjaar
Drie keuzepaketten:  4 Drie basisopties: 6
Keuzepakket 1:
Klassieke studiën - Latijn

4
Optie 1: Latijn
Latijn
Extra Frans

5
1

Keuzepakket 2:
Drie modules: gezondheid,
taalkunde en informatica
Extra Frans
Extra wiskunde

 
 
2
1
1
Optie 2: Moderne Wetenschappen
Twee modules: economie en
humaan-maatschappelijk
Wetenschappelijk werk
Sociaal-economische initiatie
Extra Frans

 
1
2
2
1
Keuzepakket 3
STEM
* = STEM-gerichte lessen


4
 

Optie 3: STEM
Wetenschappelijk werk
Sociaal-economische initiatie
STEM
 
2
2
2
TOTAAL: 32 TOTAAL: 32
 
Specifieke vakken
Socio-economische initiatie (SEI)
In dit vak ga je onderzoeken wat er rondom je gebeurt op maatschappelijk en economisch vlak. De nieuwe begrippen kunnen je helpen om de nieuwsberichten op TV, radio of in de krant beter te begrijpen. Enkele voorbeelden om je duidelijk te maken, wat in die lessen zoal ter sprake kan komen: 
Waar haalt het gezin zijn inkomen vandaan? Hoe kan men betalen langs financiële instellingen en welke diensten verlenen zij? Hoe bepaalt men de prijs van een product? Wie is de overheid? Wat doet de overheid? Wat is import en export?
Wetenschappelijk werk (WW)
Hier leer je door het uitvoeren van natuurkundige proeven een eenvoudige, maar juiste wetenschappelijke werkwijze. Vooral het onderwerp elektriciteit zal aan bod komen. 
Tevens zal je aan de hand van proeven leren verklaren wanneer voorwerpen in evenwicht zijn, hoe hefbomen en balansen werken, waarom voorwerpen zinken, zweven of drijven, hoe een thermometer werkt ... 
Deze experimenten mag je zelf onder begeleiding van de leerkracht uitvoeren. Op deze wijze ben je in staat een probleem te analyseren. Ook zal je hierdoor met meer aandacht en kritische zin leren waarnemen. Je zal een bekomen resultaat nauwgezet bekijken en niet zomaar een besluit formuleren. Je zin voor nauwkeurigheid zal hierbij zeker ontwikkeld worden. Op deze wijze ontdek je duidelijker wat het werkterrein en de werkmethode zijn van de natuurwetenschappen.